Contextuele therapie en counseling

De contextuele benadering.
De contextuele benadering werd ontwikkeld door Ivan Boszormenyi-Nagy.
Deze vorm van therapie sluit het meest aan bij de systeemtheoretische benadering, maar is heel erg gekleurd door psychoanalytische inzichten en vooral door een bijzondere aandacht voor ethiek als kracht in het leven.

Contextuele therapie wordt geënt op de existentiële context van de cliënt: de relaties binnen en met zijn groot-familie en andere belangrijke personen. 
Deze existentiële context kan worden belicht in zijn vier - later vijf - dimensies: 
- de feiten; 
- de psychologie; 
- de interacties en de levensorganisatie van systemen; 
- de relationele ethiek;
- de ontische dimensie

Verwantschap is een feitelijk gegeven dat mensen in relatie stelt tot elkaar. Dit heeft consequenties op de andere dimensies. Zo kan een mens zich niet onttrekken aan de relationeel-ethische vraag omtrent de rechtvaardigheid in die relaties. Nagy gebruikt de metafoor van de balans van geven en nemen om taal te geven aan de billijkheid in de relaties. Ook in gekozen relaties ontstaat een balans van geven en nemen en dus ook de vraag naar de rechtvaardigheid. Nagy ziet de balans van geven en nemen die tussen mensen bestaat als een erg motiverende factor in het menselijk handelen en zijn. 
Contextuele therapie gaat op zoek naar de betrouwbaarheid en bereidheid tot zorg in de relaties. Door deze hulpbronnen aan te spreken en te activeren helpt de contextueel therapeut zijn cliënten een vrij, autonoom en verantwoordelijk persoon te worden. Een contextueel therapeut is meerzijdig partijdig: zijn bekommernis gaat steeds uit naar ieder die beïnvloed wordt door zijn interventies. 

De contextuele benadering is ook een helpend kader voor vele hulpverleners en begeleiders die niet als therapeut werken. Deze vorm van psychosociale hulp noemen we contextuele counseling.


Ivan Boszormenyi-Nagy (1920-2007)

Ivan Boszormenyi-Nagy werd geboren op 19 mei 1920 in Boedapest. Hij werd psychiater en hoogleraar psychiatrie aan de universiteit van Boedapest. In 1950 emigreerde hij naar de Verenigde Staten.


In 1957 werd Nagy directeur van de afdeling gezinspsychiatrie van het Eastern Pennsylvania Psychiatric Institute, Philadelphia. De gezamenlijke zittingen van staf, schizofrene patiënten en hun families waren in de evolutie van zijn denken een keerpunt. Sinds die periode ontwikkelde hij, in dialoog met andere gezinstherapeuten, de contextuele therapie. Nagy integreerde in zijn manier van denken en werken invloeden uit de psychoanalyse en de gezinstherapie. Hij werd daarbij onder meer beïnvloed door Kalman Gyarfas, de psychoanalyticus Ronald Fairbairn en vooral door de filosoof Martin Buber, voor wie een mens slechts mens is in relatie tot de andere.






1963-1970:  Associate Professor in de psychiatrie aan het Jefferson Medical College, Pennsylvania, Philadelphia.

1963: Oprichting van het Family Institute of Philadelphia.

1964: Eerste cursus in Nederland, op initiatief van Amy Van Heusden

1973: Verschijnen van Invisible Loyalities, geschreven samen met Geraldine Spark.

1974: Associate Professor in de psychiatrie aan de universiteit van  Pensylvania, Philadelphia.

1974:  Hoofd afdeling gezinstherapie aan het Hahneman Medical College te Philadelphia.

In 1986 verschijnt Between Give and Take, geschreven samen met Barbara Krasner

1987: Foundations of Contextual Therapy.

Tussen 1990 en 1997 leidde Nagy samen met Else-Marie van den Eerenbeemt, Nelly Bakhuizen en Roefke Carmiggelt-Polak een Masterclass Contextuele Therapie aan de Hogeschool van Amsterdam, waar heel wat Belgische en Nederlandse contextueel therapeuten in opleiding nader kennis konden maken met zijn benadering.

Na deze periode werd Nagy minder actief in het openbaar. Hij bleef echter denken over de verdere ontwikkeling van de contextuele benadering en over de toepassing ervan op verschillende domeinen.

Ivan Boszormenyi-Nagy overleed op 28 januari 2007


 

Comments